Bladwijzer en Print

  Bladwijzer deze Site
  Bladwijzer deze Pagina
  Print deze Pagina
  Deel deze pagina
Antwoord op 66 vragen van Sjoa-ontkenners
4. Als Dachau in Duitsland lag en zelfs volgens Simon Wiesenthal geen vernietingingskamp was, waarom zeggen dan duizenden veteranen in de VS dat Dachau een vernietigingskamp was?

Het IHR zegt:
Omdat na de inname door de geallieerden duizenden soldaten door Dachau werden rondgeleid en gebouwen te zien kregen die gaskamers werden genoemd, en omdat de massamedia op grote schaal, maar ten onrechte, zeiden dat Dachau een ‘vergassingskamp’ was.
Nizkor antwoordt:
In de zin dat er tienduizenden mensen werden doodgehongerd en soms vermoord, was Dachau inderdaad een dodenkamp. Dachau moet waarschijnlijk niet worden aangeduid met de term ‘vernietigingskamp’ , want die wordt meestal  gezien als aanduiding van een van de grote kampen in bezet Polen, waar massale vergassingen werden verricht. (zie vraag 3)
Maar het lijdt geen twijfel dat de gaskamer daar bestond. De geallieerden maakten het memo buit van Dr. Sigmund Rascher uit Dachau aan Himmler, waarin stond (zie Kogon et al., Nazi Mass Murder, 1993, p. 202):
Zoals u weet zijn in het concentratiekamp Dachau dezelfde voorzieningen [gaskamers] gebouwd [als in Linz Hartheim]. Hoewel de “invalidentransporten” hoe dan ook in bepaalde kamers eindigen, is mijn vraag of we niet een paar van onze diverse strijdgassen kunnen testen op specifieke personen die bij de actie betrokken zijn. Tot nu toe zijn er alleen proeven op dieren geweest en verslagen van dodelijke ongelukken bij de fabricering van die gassen. Vanwege deze alinea heb ik deze brief onder de noemer “Geheim” verzonden.

Een Amerikaanse verslaggever maakte zeer kort na de inname van het kamp filmopnamen van de gaskamer, waarin te zien was dat hij een bordje droeg met “Brausebad” (douches), hoewel er geen douches waren.

De vraag naar het bewijs dat de gaskamer is gebruikt, is nog niet afdoende beantwoord. Sommige historici zeggen dat er geen twijfel over bestaat: hij is nooit gebruikt. Sommige zeggen dat dit nog een open vraag is. Het komt aan op twee getuigenissen: die van een Britse officier genaamd Payne-Best, die zegt dat hij Dr. Rascher over vergassingen heeft horen spreken, en die van Dr. Franz Blaha, die onder ede heeft getuigd over experimentele vergassingen. Zie voor meer informatie Kogon et al., op. cit., pp. 202-204, en Blaha's getuigenis in Trial of the Major War Criminals, 1947, vol. V, pp. 167-199.

Holocaust-ontkenners laten uiteraard alleen de opvatting zien dat de gaskamer nooit is gebruikt. Zij citeren vaak uit een brief uit 1960, geschreven door de directeur van het Institut für Zeitgeschichte (Instituut voor Contemporaine Geschiedenis) in Munchen (zie Die Zeit, 19 augustus 1960, p.16):

Geen vergassingen in Dachau
Noch in Dachau, noch in Bergen-Belsen en Buchenwald, zijn er Joden of andere gevangenen vergast.

De brief bevestigt uiteraard dat in de grotere kampen wel massale vergassingen plaatsvonden. Die passage noemen Holocaust-ontkenners liever niet. Ze vermelden ook niet graag dat het Instituut na 1960 meer onderzoek heeft gedaan en tot een andere conclusie is gekomen. Nu zeggen zij:

..er werd een gaskamer geinstalleerd [in Dachau], waarin... een paar experimentele vergassingen werden uitgevoerd, zoals recent onderzoek bevestigt.

Uiteindelijk vermelden de meeste ‘massamedia’ de feiten: dat Dachau op zeer kleine schaal werd gebruikt voor vergassingen. Of de term ‘vergassingskamp’ passend is, hangt waarschijnlijk van de contekst af. Als het IHR een citaat kan voorleggen waarin een krant of tijdschrift een onjuistheid heeft gedrukt, laat het dat dan doen. Het zou niet de eerste, noch de laatste fout in een publicatie zijn. Als Holocaust-ontkenners denken dat fouten in kranten kunnen helpen bewijzen dat de Holocaust niet heeft plaatsgevonden, lijden zij duidelijk aan waanvoorstellingen.